Bomen en planten collectie

Naast hele mooie dieren zijn er ook verschillende bomen en planten te zien in de tropische vlindertuin. Bomen en planten collectie van Klein Costa Rica bestaat o.a. uit:

Chorisia speciosa, herkomst: Zuid-Amerika. Deze boom groeit van nature in warme, subtropische en tropische gebieden met een relatief vochtige bodem. Wanneer de temperatuur onder de 15° C is gedaald, vallen de bladeren van de boom. Ook al is het blad afgevallen, dan nog zal de boom in volle bloei komen te staan. Na de bloei verschijnen er geelbruine zaaddozen, die zijdezacht aanvoelen.

Dracaena draco “Drakenbloedboom”, herkomst: Canarische Eilanden, Kaapverdië, Madeira, Marokko. Status: Kwetsbaar. Deze boom is vrijwel niet meer in wilde staat te vinden. Het is een langzaam groeiende plant, die er tien jaar over doet om een hoogte van 1 meter te bereiken.  Omdat de plant geen jaarringen heeft kan de leeftijd alleen geschat worden aan het aantal vertakkingen. Het oudste, bekende exemplaar groeit in Icod de los Vinos op het noordwesten van Tenerife. Als de bast wordt ingesneden of de bladeren worden gekneusd, scheidt de plant een roodachtig hars uit, dat bekend staat als drakenbloed.

Artocarpus hererophyllus “Jackfruit of Nangka”, herkomst: India. Deze boom valt op door zijn enorme vruchten die tot wel 40 kilo kunnen wegen en aan de stam ontspringen. De vrucht bevat tot 500 zaden die 4 centimeter lang kunnen zijn. Het vruchtvlees reukt zoetig en heeft ook een flauw zoete smaak. Pas na drie jaar nadat de boom geplant is zal hij vruchten geven. Het is tevens een van de grootste vruchten die aan bomen groeit. De exotische vrucht wordt gebruikt bij gerechten in de oosterse keuken. Er bestaat zelf chips en ijs die gemaakt zijn van deze vruchten.

Syzygium malaccense “Djamboe bol of Maleisische rozenappel”, herkomst: Maleisië. Deze tropische boom groeit tot wel 25 meter hoog en bloeit met paarse, donkerrode of witte bloemen. Deze bloemen ontspringen in trossen van ongeveer 12 bloemen uit de stam of aan de dikke takken. Na de bloei groeien er langwerpige vruchten aan, die rijp roze of rood van kleur zijn. Het witte vruchtvlees is zoetzuur en appelachtig, en word als handfruit gegeten, geserveerd in dessert of vruchtenwijn van gemaakt. Ook de bladeren en de bloemen worden als groente gegeten.

Theobroma cacao “Cacaoboom”, herkomst: Midden- en Zuid-Amerika. Aan deze boom groeien cacaobonen waar onder andere chocolade van wordt gemaakt. Een cacaoboom wordt meer dan 50 jaar oud en kan tot 10 meter hoog worden.  Pas als de boom 4 jaar oud is komt hij in bloei met kleine witte of roze bloemen. Deze groeien direct op de stam of op de dikke takken. Elke vrucht bevat 40-50 bonen die ongeveer een gram wegen. Omdat de cacaoboom maar 30 tot 40 vruchten geeft per jaar, zal de gemiddelde boom 1 tot 2 kilo bonen per jaar opleveren. De chocoladesmaak word pas gevormd na het drogen van de bonen.

Litchi chinensis “Lychee”, herkomst: Madagaskar, Mauritius, Zuid-Afrika, Israël en Azië. Deze subtropische boom kan tot 30 meter hoog worden en bloeit met grote trossen geel-groene bloemen. Deze trossen bloemen zullen gevolgd worden door groene vruchten die, wanneer ze rijp zijn, een rode kleur krijgen.  De vruchten worden geoogst zodra ze roze-rood zijn verkleurd. Het vruchtvlees is wit en lekker zoet. Vaak worden de vruchten vers gegeten of verwerkt in een fruitsalade.

Pandanus utilis “Schroefpalm”, herkomst: westelijke Indische Oceaangebied, op het eiland Madagaskar. Bij deze groenblijvende boom ontwikkelen zich “steltwortels” (typerende wortels rondom de voet) waardoor de plant steviger groeit. Soms kan het zijn dat de stam afsterft en is hij afhankelijk van deze wortels. De bladeren worden tot manden, matten en dergelijke verwerkt en de vruchten kunnen worden gegeten. Deze zijn niet bijzonder smaakvol.

Ceiba pentandra “Kapokboom”, herkomst: Zuid- en Centraal-Amerika, Caribisch gebied, West-Afrika. Misschien herinnert u zich de beelden van een regenwoud, waarbij enkele bomen boven de rest van de bomen uitsteken: de woudreuzen, vaak zijn dit kapokbomen. Deze tropische boomsoort wordt meer dan 70 meter hoog en de takken staan loodrecht op de stam. Uit de ovale vruchten steekt een plukje witte pluis, dit noemt men kapok. Lijkt op katoen maar heeft niets met de katoenplant te maken. Deze zachte vezels worden gebruikt voor o.a. vulling van kussens, vesten en knuffeldieren.

Brownea grandiceps “Rose of Venezuela”, herkomst: Zuid-Amerika. Deze boom wordt vaak gezien in tropische tuinen en groeit langzaam met dikke takken. De bolvormige bloeiwijzen bevatten tal van rood, roze of paarse buisvormige bloemen.

Kigelia africana “Worstenboom”, herkomst: Afrika. Een volgroeide worstenboom heeft spectaculaire vruchten. Deze kunnen meerdere kilo’s wegen en lijken op grote worsten, vandaar de toepasselijke Nederlandse naam. Zijn habitat bestaat uit open bossen en vochtige plaatsen, zoals rivieroevers. De boom bloeit van augustus tot oktober en draagt vruchten van december tot juni. Afhankelijk van het klimaat kan de worstenboom opmerkelijk snel groeien. Rijpe vruchten kunnen tot 12 kg wegen en kunnen aanzienlijke schade aanrichten als die vallen. Met zijn snelle groei, breed bladerdak, interessante bloemen en fruit is de Kigelia een populaire straatboom in Zuid-Afrika.Er zijn vele volksgeneeskundige toepassingen van de worstenboom. Voor de behandeling van wonden, abcessen en zweren wordt van de rijpe vrucht een poeder gemaakt. De groene vrucht wordt gebruikt als een kompres bij syfilis en reuma en een kompres wordt gemaakt van de bladeren bij de behandeling van rugpijn. Van de schors wordt een aftreksel gemaakt om maagproblemen te behandelen bij kinderen en een aftreksel van de wortels en de bast kan dienen bij longontsteking. Een veelzijdige boom, die voor van alles goed kan zijn!

Coccothrinax crinita “Old Men Palm”, herkomst: Cuba. Status: bedreigd. De bekende Old Man Palm heeft een slanke stam die bedekt is met lang, dicht en wollig, lichtbruine vezels, waardoor de palm een bizarre verschijning is. Eenmaal voorbij de trage zaailing fase, groeit deze sneller dan men zou denken. Het gedijt in de meeste warme gematigde en tropische gebieden en zal een korte, lichte vorst zelfs zonder schade nemen. Het geeft de voorkeur aan een zonnige situatie en heeft behoeften aan goed doorlatende grond. Deze palm wordt vaak aangeplant als sierplant en is gemakkelijk te onderhouden. In de natuur wordt hij helaas ernstig bedreigd doordat mensen gebruik maken van deze palm als grondstof en bouwmateriaal.

Averrhoa carambola “Sterfruit”, herkomst: Zuidoost-Azië. Deze boom krijgt rode tot violette bloemen in vertakte trossen. Na deze bloei groeien er groene vruchten die rijp, donker geel van kleur zijn. De vrucht is ongeveer 9-15 centimeter groot en heeft 5 tot 6 ribbels, een dwarsdoorsnede van de vrucht lijk op een ster. De vrucht smaakt zuur tot zoetzuur en word gebruikt in gerechten. In Nederland zie je deze vruchten met name rond de kerstperiode. Het eten van deze vruchten kan fatale uitwerkingen hebben op nierpatiënten wegens de hoge concentratie oxaalzuur en kalium.

Crescentia cujete “Kalebasboom”, herkomst: Caribisch gebied, Midden-Amerika. Deze boom is vaak vanaf de basis vertakt met gedeeltelijke horizontale uitgespreide takken. De bloemen zijn groen en worden in hun oorsprongsgebied bestoven door vleermuizen.Rauwe vruchten kunnen niet gegeten worden omdat deze giftig zijn. Daarom worden de vruchten in azijn gelegd of zaden worden geroosterd voordat ze gegeten worden. Als voedingsmiddel word deze vrucht niet vaak gebruikt, maar de harde schil wordt voor houtsnijwerk gebruikt.

Chrysophyllum cainito “Gouden blad boom”, herkomst: Caribisch gebied, Midden-Amerika. Deze boom heeft een dicht brede kroon met bruin behaarde takken. De bladeren zijn groen en glanzend van boven en goudbruin behaard van onderen. Vandaar ook de Nederlandse benaming voor deze boom.

Manilkara zapota “Sapodilla”, herkomst: Mexico, Midden-Amerika. De schors, bladeren en onrijpe vruchten van deze boom, zijn rijk aan wit kleverig melksap. Dit melksap uit de bast kan dienen als grondstof voor kauwgom. Tegenwoordig wordt dat minder gebruikt omdat daarvoor nu synthetische stoffen worden gebruikt. De vrucht kan pas worden gegeten als deze rijp is en smaakt zoetig. Mensen maken er jam van of gebruiken het als zoete toevoeging aan desserts.

Brunfelsia pauciflora “Gisteren vandaag en morgen”, herkomst: Brazilië. Brunfelsia is een heester uit Brazilië en bloeit van het voorjaar tot de herfst met geurende bloemen. Bij het opengaan zijn deze bloemen paars kleurig en daarna kleuren ze blauw tot wit.

Musa “Bananenboom”, herkomst: Zuid-Oost Azië, Australië. De banaan is een van de oudst geteelde gewassen in de hele wereld. In  geschriften is de bananenteelt al in de zesde eeuw voor Christus te vinden. De commerciële bananenproductie begon rond 1871 in Costa Rica. In de wilde bananen zitten van binnen zaden, in de commerciële banaan zien we dat niet terug.De plant bloeit maar één keer en sterft daarna af. Uit de wortelstokken groeien weer nieuwe scheuten, die vervolgens weer gaan bloeien. Negen maanden na het planten gaat de plant bloeien en drie maanden later zijn de vruchten plukrijp. Daarna sterft de plant weer af. Er zijn wereldwijd ongeveer 400 rassen, waarvan de Cavendish de belangrijkste voor de export van verse consumptiebananen is. De grootste bananencollectie ter wereld is te vinden in het lab van tropische plantenkweek in Leuven (België).

Psidium guajava “Guave”, herkomst: Midden-Amerika. De guave stamt vermoedelijk uit Midden-Amerika en wordt wereldwijd in de tropen en de subtropen gekweekt. De vruchten kunnen uit de hand worden gegeten maar ook worden verwerkt tot marmelade, jam en compote. Deze vruchten worden ook gebruikt voor de productie van frisdranken, vruchtensappen, vruchtenwijn en likeur. Ook in Nederland wordt de guave op de markt gebracht.

Ficus microcarpa “Kamer bonsai”, herkomst: China, Maleisië. Ficus betekent niets anders dan vijg en er zijn meer dan tweeduizend ficus soorten. De overeenkomst van deze soorten is het melksap dat een zeer belangrijke rol heeft gespeeld bij het maken van gom en rubber. In het verre oosten worden de wortels gebruikt voor een geneeskrachtige werking.

Schizolobium exelsum “Braziliaanse varenboom”, herkomst: Brazilië.

Pithecellobium arboreum “Wilde Tambran”, herkomst: Amerika.

Cocos nucifera “Kokospalm”, herkomst: India, Amerika, Nieuw-Zeeland. De kokospalm komt in bijna alle tropische gebieden voor. De verspreiding is zowel natuurlijk als door zeevarenden gebeurd. De vruchten kunnen drijvend grote afstanden afleggen en zijn zelfs gevonden voor de kust van Noorwegen. In Hawaï is de kokospalm waarschijnlijk geïntroduceerd door Polynesiërs uit het Zuidelijk Pacifisch gebied. De vrucht, de kokosnoot, is eigenlijk geen noot maar een steenvrucht. De kokosnoot kan op verschillende wijze gebruikt worden in de keuken. Er worden snacks van gemaakt waaronder de bekende Bounty.

Ravenala madagascariensis “Reizigersboom”, herkomst: Madagaskar. Dit is de meest bekende plant van Madagaskar. De bladeren lijken op die van een bananenplant maar groeien anders. Het blad heeft een middennerf met vrijwel recht afstaande zijnerven, waartussen het blad is ingescheurd, hierdoor krijg het blad een veerachtig uiterlijk. De plant wordt tot 30 m hoog en is de eerste tijd nog stamloos. De Nederlandse naam is afkomstig door het feit dat in de oksels van de bladstelen water blijft staan, dit zou voor reizigers een bron van drinkwater vormen.

Mangifera indica “Mango”, herkomst: India, Zuidoost-Azië. De mango is een steenvrucht die in vorm varieert, afhankelijk van het ras. De vruchten zijn 5 tot 20 centimeter lang en het rijpe vruchtvlees is zacht en sappig. Rijpe vruchten kunnen gegeten worden als handfruit en onrijpe vruchten als groenten worden bereid, of worden ingelegd in zoetzure curry. In India zijn de vrucht en de boom heilig. De mango speelt een rol in de symboliek van het boeddhisme.

Coffea arabica “Koffieplant”, herkomst:  Afrika, Amerika, Zuidoost- Azië, China, en diverse eilanden in het Caribisch gebied. Koffie wordt gemaakt van koffiebonen die afkomstig zijn uit de vrucht van een koffieplant. Doordat de zaden bij het rijpen tegen elkaar aandrukken, ontstaat de karakteristieke vorm van een koffieboom. De gedroogde en gebrande zaden van de plant dienen als basis voor koffie. Koffie is een van de belangrijkste handelsgoederen te wereld en is een belangrijk exportproduct voor landen zoals Brazilië, Vietnam en Colombia.

Schinus molle “Peperboom”, herkomst: Amerika, Argentinië, Chili, Zuid-Afrika en Peru. De Schinus molle is een snel groeiende groenblijvende boom. Van alle Schinus soorten wordt deze het aller grootst. De felroze vruchten worden vaak verkocht als “roze peper” en wordt vaak gemengd met de commerciële peper (Piper nigrum), maar zijn niet aan elkaar verwant. In traditionele geneeskunde werd de roze peper gebruikt bij de behandeling van wonden en infecties vanwege zijn antibacteriële en antiseptische eigenschappen.

Ficus benghalensis “Wurgficus”, herkomst: Tropische oerwouden, tropen en subtropen. Tot het geslacht Ficus behoren 600 tot 1000 verschillende soorten bomen en struiken, die vooral voorkomen in de tropen en de subtropen. Alle Ficussoorten bezitten een rubberachtig melksap, dat latex bevat. Bij een Wurgficus ontkiemen de zaden in wat humus op een andere boom en groeien dan uit op de “gastheer”. In een later stadium zendt de Ficus luchtwortels naar de grond. De groei van de Ficus gaat, nadat de wortels de bodem bereikt hebben, versneld door omdat hij dan gemakkelijk water en voedingszouten kan opnemen. Vanaf dat moment wordt de “gastheer” langzaam gewurgd, doordat de wortels rondom de stam van de “gastheer” groeien en doordat het bladerdek van de Ficus de zonnestralen wegneemt van de bladeren van de “gastheer”.

Solanum mammosum “Uier van de koe”, herkomst: Zuid-Amerika. Deze bijzondere plant is familie van de nachtschade, tomaat en aardappel. De vruchten van deze plant zijn erg giftig en lijken op een “uier van de koe”, de plant wordt daarom ook gekweekt voor decoratie. De vruchten zijn tevens gebruikt in traditionele geneeskunde voor de behandeling van voetschimmel.

Aristolochia durior “Pijpbloem of Duitse pijp” is een sterke klimplant uit Oost-Amerika. Deze klimplant kan met gemak 10 meter hoog worden. De naam Duitse pijp ontleent de plant aan de van buiten geelgroene, van binnen paars bruine bloemen die de vorm van een ouderwetse, gekromde pijp hebben.

Foto: Aristolochia durior "Duitse pijp"

Foto: Aristolochia durior “Duitse pijp”

© Copyright 2018 Kleincostarica.nl Alle rechten voorbehouden - Webpartners